Prinsjesdag: verhoging kinderopvangtoeslag onvoldoende

18 september 2018

Prinsjesdag: verhoging kinderopvangtoeslag onvoldoende

In de troonrede vandaag benoemde de Koning kort de voor- en vroegschoolse educatie. Hij onderstreepte daarbij het belang van extra investeringen om achterstanden bij jonge kinderen zoveel mogelijk te voorkomen. In de Miljoenennota is geen specifieke aandacht voor de kinderopvang en ook de Rijksbegroting 2019 laat geen verrassingen zien: de kinderopvangtoeslag wordt verhoogd, maar dit compenseert – volgens de Brancheorganisatie Kinderopvang - het kosteneffect van de BKR onvoldoende.

In de Rijksbegroting 2019 van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zet het kabinet uiteen wat er het komende jaar op de rol staat voor de kinderopvang. Vanaf 2019 wordt er € 248 miljoen structureel geïnvesteerd in de betaalbaarheid van de kinderopvang. Dit gaat via een verhoging van de kinderopvangtoeslag. Dit gaat door een verhoging van de maximum vergoedingspercentages in de kindtabellen.

In de Rijksbegroting is tevens enige aandacht voor de IKK-maatregelen die per 1 januari 2019 van kracht zijn. Het gaat in dat geval om de aanpassing van de BKR en de invoering van de Pedagogisch Beleidsmedewerker/Coach. Zoals wij vrijdag 14 september al berichtten, is de aanpassing van de maximum uurtarieven onvoldoende om de onvermijdelijke prijsstijgingen die samenhangen met deze maatregelen te compenseren. Hierdoor worden ouders de dupe van de nieuwe regels voor babyopvang.

Het laatste agendapunt in de Rijksbegroting SZW is de verbetering van de kinderopvangtoeslag. Het kabinet wil de problematiek als gevolg van terugvorderingen bij ouders aanpakken door stapsgewijs naar 2020 voorgenomen verbeteringen bij de Belastingdienst door te voeren. Dit plan van verbetervoorstellen voor de Belastingdienst is de vervanger van Directe Financiering, het wetsvoorstel dat dit voorjaar door de staatssecretaris is ingetrokken.